Taxatiegesprekken en diagnostiek bij slachtoffers
Er is een verschil tussen diagnostiek bij een vermoeden en diagnostiek na vastgesteld misbruik.
Diagnostiek bij een vermoeden is nooit gericht op waarheidsvinding! Bij diagnostiek gaat het er niet om wat er precies is gebeurd. De waarheid kan alleen door de politie worden opgespoord.
Diagnostiek bij een vermoeden van seksueel misbruik
- Bij voorkeur vindt een diagnostisch onderzoek plaats na het politieverhoor. Het kan echter zijn dat er te weinig feiten en signalen zijn, waardoor ook de politie niets kan ondernemen. Dan kan diagnostisch onderzoek nodig zijn om duidelijkere signalen boven tafel te krijgen.
- Op grond van klachtgedrag worden met behulp van onderzoeksmiddelen een aantal richtinggevende en toetsbare hypothesen opgesteld, waaronder die van seksueel misbruik. Hierbij worden ook rapportages en verslagen betrokken.
- Daarnaast vindt een taxatiegesprek plaats met het vermoedelijke slachtoffer. Vraagstelling: hoe kunnen signalen begrepen worden en wat is de beleving van de betreffende cliënt?
- Vervolgens wordt een onderzoeksrapport opgesteld waarin signalen en gedrag worden beschreven. In het verslag wordt niet gesteld ''dat'' het misbruik heeft plaatsgevonden en wie de dader zou zijn. Het onderzoeksrapport wordt besproken met (externe) collega's en eventueel met de politie.
Het taxatiegesprek
Een taxatiegesprek is een hulpverleningsgesprek met als doel het methodisch verhelderen van een vage spontane onthulling. Doel van het taxatiegesprek is het verhelderen van een vermoeden van een strafbaar feit - seksueel misbruik - en het eventueel op gang brengen van de benodigde ondersteuning. Zoals hiervoor gezegd: het is niet bedoeld om vast te stellen of het misbruik daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Dat is de taak van politie en justitie.
Het taxatiegesprek anticipeert op een eventueel verhoor bij de politie, maar belangrijk daarbij is om niet door te vragen.
Een belangrijke voorwaarde is dat een taxatiegesprek wordt uitgevoerd door hierin getrainde gedragskundigen, die weten wat ze kunnen vragen, maar vooral ook wat ze niet moeten vragen. Een taxatiegesprek wordt alleen gevoerd wanneer dit echt nodig is: bij onheldere signalen. Wanneer iemand zelf over het misbruik heeft verteld, of bij heel duidelijke signalen is een taxatiegesprek niet nodig! Een taxa-tiegesprek is dus beslist niet bedoeld om voor de zekerheid nog even te checken wat het vermoedelijke slachtoffer heeft verteld.
Het is noodzakelijk om de audiovisuele opnames van dit gesprek, mits er toestemming is van de cliënt, mee te geven aan de politie. De ontstaansgeschiedenis van een vermoeden is voor justitie namelijk heel belangrijk.
Het verslag van dit gesprek kan met toestemming naar de politie.
Diagnostiek na (vastgesteld) seksueel misbruik
Ook dit diagnostisch onderzoek is niet gericht op wát er precies is gebeurd. Ook niet wanneer een politieverhoor onvoldoende opgeleverd mocht hebben. Seksueel misbruik is geen diagnose, dus hier kan geen onderzoek naar worden gedaan.
- Het diagnostisch onderzoek is gericht op het duidelijk krijgen welke gevolgen het misbruik heeft gehad. Wat is de beleving van het slachtoffer? Zijn er problemen in het gedrag? Op welke wijze en in welke mate is het slachtoffer getraumatiseerd? Hoe kan het slachtoffer het best worden geholpen het trauma te verwerken? Wat is er nodig om herhaling te voorkomen?
- Bij deze diagnostiek wordt ook de cognitie en de emotionele draagkracht van de persoon betrokken om te bezien of en hoe deze persoon de gevolgen kan verwerken (openleggen of toedekken). Ook wordt de seksuele ontwikkeling in kaart gebracht in verband met de preventie van seksueel misbruik in de toekomst.
- Op grond van het onderzoek wordt vastgesteld welke begeleiding en/of behandeling al dan niet is geïndiceerd.
Met dank aan Marianne Heestermans (Zonnehuizen) voor het gebruik van haar (cursus)materiaal.
Literatuur
- Aarts, P.G.H. en Visser, M.D. (red.), Trauma, diagnostiek en behandeling, ICODO Houten; Diegem Bohn Stafleu Van Loghum, 1999
- Belie, E., de; Lesseliers, J., Ivens, C., en Hove, G., van (red.), Seksueel misbruik van mensen met een verstandelijke handicap, handboek preventie en hulpverlening, Acco, Leuven / Leusden, 2000
- Heestermans, M. en Jelles, J., OPL Maartensdijk, in cursus omgaan met vragen rond seksueel misbruik, voor NIZW, Utrecht, 2001 / 2002
- Heestermans, H., Nijnatten, C., van, Regie in diagnostische en hulpverleningsgesprekken met slachtoffers van seksueel geweld. In: Interventie en preventie samen met effectonderzoek: professionele winst, J.M. Gerris (red.). Van Gorcum, 2005. ISBN 90-232-4147-9.
- Lange, A., Vragenlijst seksuele trauma's in het verleden: een anamnetisch instrument voor onderzoek en praktijk (handleiding), Houten, Bohn Stafleu Van Loghum, 2004
- Lange, A., Vragenlijst seksuele traumas in het verleden nr.1 en nr. 2, [ISBN: 903134303X (1) en 9031343048 (2)], Houten, Bohn Stafleu Van Loghum, 2004


